De volwassenheid van je cybersecurity meet je voor NIS2 door je huidige beveiligingspraktijken systematisch te toetsen aan vastgestelde niveaus, van ad-hoc tot geoptimaliseerd. Dit doe je aan de hand van een gestructureerd assessment waarbij je de NIS2-domeinen, zoals risicobeheer, incidentrespons en toegangsbeveiliging, beoordeelt op volwassenheid. De vragen hieronder helpen je stap voor stap door dit proces.
Bij NIS2-assessments worden doorgaans vijf volwassenheidsniveaus gehanteerd, van niveau 1 (initieel of ad-hoc) tot niveau 5 (geoptimaliseerd). Op niveau 1 zijn beveiligingsmaatregelen ongestructureerd en reactief. Op niveau 5 worden processen continu gemeten, verbeterd en afgestemd op bedrijfsdoelstellingen. De meeste organisaties bevinden zich ergens tussen niveau 2 en niveau 3.
Deze niveaus zijn afgeleid van bekende volwassenheidsmodellen en geven je een concreet beeld van waar je staat. Een korte omschrijving per niveau:
Voor NIS2-compliance is niveau 3 doorgaans het minimale streefniveau. Organisaties in kritieke sectoren zoals energie, transport of digitale infrastructuur worden verwacht minimaal op dit niveau te opereren, en in veel gevallen hoger.
De meest gebruikte frameworks voor het meten van cybersecurity volwassenheid zijn het NIST Cybersecurity Framework, het Capability Maturity Model Integration (CMMI) en de ISO 27001-norm. Voor organisaties die werken voor de Nederlandse overheid of defensie zijn aanvullend de ABRO en ABDO relevant als toetsingskader.
Het NIST CSF biedt een praktische structuur verdeeld over vijf functies: identificeren, beschermen, detecteren, reageren en herstellen. Dit sluit goed aan op de risicogebaseerde aanpak die NIS2 vereist. ISO 27001 biedt een meer formeel managementsysteemkader en is sterk gericht op documentatie en aantoonbaarheid.
Wil je frameworks niet alleen begrijpen, maar ook daadwerkelijk toepassen binnen je organisatie, dan helpt een gestructureerde aanpak voor de implementatie van cybersecurity frameworks om de vertaalslag van theorie naar praktijk te maken.
Vanaf 1 januari 2026 gelden de Algemene Beveiligingseisen voor Rijksoverheidsopdrachten (ABRO) voor bedrijven die opdrachten uitvoeren voor de Rijksoverheid met risico’s voor de nationale veiligheid. De ABDO geldt specifiek voor bedrijven die opdrachten uitvoeren voor Defensie. Beide kaders kunnen naast NIS2 van toepassing zijn, afhankelijk van de sector waarin je opereert.
Een cybersecurity volwassenheidsassessment voer je uit door je huidige beveiligingsmaatregelen gestructureerd te inventariseren, te toetsen aan een gekozen framework en de bevindingen te vertalen naar een concreet verbeterplan. Het proces bestaat uit een aantal vaste stappen.
Belangrijk is dat het assessment niet alleen een papieren oefening wordt. Technische controles moeten worden gevalideerd, niet alleen op basis van beleidsdocumenten, maar ook door daadwerkelijke tests en observaties.
In een NIS2-volwassenheidsmeting beoordeel je minimaal de domeinen die de richtlijn expliciet benoemt: risicobeheer, incidentrespons, beveiliging van de toeleveringsketen, toegangsbeveiliging, encryptie, en bedrijfscontinuïteit. Samen dekken deze domeinen de kern van wat NIS2 van organisaties verwacht.
Per domein kijk je niet alleen of er beleid bestaat, maar ook of dat beleid wordt nageleefd, getest en bijgehouden. Enkele aandachtspunten per domein:
De meest voorkomende fout bij een NIS2 volwassenheidsmeting is het beoordelen op basis van documentatie alleen, zonder te verifiëren of maatregelen ook daadwerkelijk werken in de praktijk. Andere veelgemaakte fouten zijn een te smalle scope, het ontbreken van betrokkenheid vanuit het management en het niet prioriteren van bevindingen.
Een assessment dat alleen op papier klopt, geeft een vertekend beeld van de werkelijke weerbaarheid. Technische validatie, zoals het testen van back-uprestores of het controleren van logmonitoring, is onmisbaar. Daarnaast zien we regelmatig dat organisaties de scope te beperkt houden en kritieke systemen of leveranciers buiten beschouwing laten.
Ook het gebrek aan managementbetrokkenheid is een risico. Zonder draagvlak aan de top blijven verbeterplannen steken op operationeel niveau, terwijl NIS2 juist bestuurders persoonlijk verantwoordelijk stelt voor de naleving van de vereisten.
Je schakelt een externe partij in voor je NIS2-assessment wanneer je organisatie niet beschikt over de interne expertise, objectiviteit of capaciteit om een betrouwbare beoordeling uit te voeren. Ook wanneer toezichthouders of klanten aantoonbare onafhankelijkheid vereisen, is externe betrokkenheid noodzakelijk.
Intern uitgevoerde assessments zijn waardevol voor zelfinzicht, maar hebben beperkingen. Medewerkers beoordelen hun eigen werk, wat de objectiviteit beïnvloedt. Een externe partij brengt sectorervaring mee, herkent patronen die intern over het hoofd worden gezien en kan bevindingen op een manier rapporteren die bruikbaar is voor zowel technische teams als het bestuur.
Praktische situaties waarin externe ondersteuning sterk aan te raden is:
Bij Hofsecure begeleiden we organisaties door het volledige proces van NIS2-cybersecurityvolwassenheid, van de eerste meting tot een concreet en haalbaar verbeterplan. Onze aanpak is praktisch, onafhankelijk en afgestemd op jouw sector en organisatiegrootte. Dit is wat we voor je doen:
Wil je weten waar jouw organisatie staat op het gebied van NIS2 compliance? Neem contact op en we bespreken samen hoe een volwassenheidsassessment eruitziet voor jouw situatie.